Month: October 2014

“Je komt met de band op de meest geweldige feesten”

Marcel van Hassel is sinds 2008 technicus voor Straight from the Fridge (SftF). Daarnaast is hij onder andere huistechnicus en verzorgt veel opnames. Op 15-jarige leeftijd kwamen zijn eerste geluidsklusjes bij verhuurbedrijven. Hoewel hij nog steeds studeert: muziektechnologie (hoe kan het ook anders?), weerhoudt dit hem er niet van zo vaak mogelijk mee te gaan als de band een gig heeft.

“Als ik onderweg ben naar een optreden merk ik vaak dat ik er nog helemaal geen zin in heb. Er zit nog een soundcheck aan te komen, die meestal snel moet. Er moet nog omgebouwd worden na een andere band en het kan natuurlijk altijd zijn dat er iets niet werkt. Zodra die momenten eenmaal zijn geweest is het alleen nog maar gaaf. Onze tourmanager is echt de bandmama, die haalt heel veel druk weg. Ze regelt alles, van eten tot parkeerplaats. Als er een optreden is, krijg ik eerst een mail van haar met alle informatie. Zodra ik op locatie kom, is het meeste al geregeld. Soms is het op het laatst alsnog veel stressen, maar dat is echt part of the job.

marcel

Op de backline na wordt de apparatuur zo veel mogelijk op locatie geregeld. Het kan dus af en toe gebeuren dat er maar drie microfoons zijn voor de hele band, of dat een versterker niet zo goed werkt. Of de locatie zelf, dat die bijvoorbeeld een moeilijke vorm heeft en het geluid minder mooi klinkt. Maar het is dan juist de kick om in zo’n situatie een mooi optreden neer te zetten. Problemen geven een extra uitdaging, maar ik vind dat ik daarmee moet kunne dealen. Gelukkig lukt dat vaak ook. Wat mensen soms wel vergeten is dat zelfs de beste technicus niet alles op kan lossen. Een valse noot blijft een valse noot en een akoestisch vervelende zaal helpt ook niet mee.

Mijn werk is het zo goed mogelijk overbrengen van de band, hierom is het wederzijds vertrouwen heel belangrijk. Ik denk dan ook dat het heel goed is om als technicus zelf een instrument te bespelen. Dan snap je beter hoe het werkt en de band weet dat jij snapt wat je aan het doen bent. Dat komt het vertrouwen echt ten goede. Als de band een demo opneemt, ben ik er meestal niet bij. Het is gezond om met meerdere mensen naar een track te kijken, iemand anders luistert op een andere manier. Alleen maar goed dus. Het bijzondere aan SftF is denk ik dat ze mee kunnen met meerdere genres. De toegankelijkheid van de band, ook voor verschillende leeftijden. Ze zijn jazzy en pop, zo hebben ze zowel bij 3FM als Radio 6 opgetreden. Op de een of andere manier zijn mensen altijd heel positief over de band en de liedjes, toch de sfeer die ze meenemen denk ik.

marcel 2

Een tijd terug begon de band te spelen op het Minderbroedersplein in Den Bosch, eerst was er bijna niemand maar aan het eind stond alles vol. Van zulke momenten geniet je echt wel, ook als technicus. Een van de leukste optredens was voor een krat bier, de band speelde toen voor geestelijk gehandicapte jongeren. Dat was echt het leukste publiek ooit, ze wilden op het podium meedansen en een jongen heeft nog gitaar meegespeeld. Sowieso kom je met de band op bizarre locaties en feesten terecht. Bijvoorbeeld een studentenfeest in Delft, ‘s middags werden we opgehaald door iemand in een Audi. Bij aankomst moest alles tien trappen op en daarna werd er goed gefeest. Iedereen was enthousiast en ‘kaal’: op een vrolijke manier dronken. Wij waren toen een jaar of 16 en dit was onze eerste ervaring met het studentenleven, dus dat was heel gaaf.

Mensen vragen weleens of ik het niet erg vind om buiten de schijnwerpers te staan. Als ik werk, kom ik andere technici tegen waarmee ik goed kan praten. Daarnaast is de band een ontzettend gezellige vriendengroep, zij doen hun ding en ik doe ook gewoon wat ik leuk vind.”

(foto’s: Artistiek Festival, Irene de Vocht)

Advertisements

Popcolumn II

peterpan

Onder andere na het maken van een item over het beleid qua live muziek in Den Bosch ontstond bij mij een soort dubio. Enerzijds had meneer Yildiz van de gemeente een punt: er worden veel vergunningen en ontheffing uitgedeeld voor muziek, het moet je alleen aanspreken, er is voor iedereen wat. Aan de andere kant wordt er zoveel geklaagd door allerlei groepen mensen, er zou te weinig te doen zijn en er worden te weinig uitzonderingen gemaakt. “Er kan hier niks”, is een veelgehoorde kreet.

Wie heeft er nu gelijk? Dit lijkt geen moeilijke vraag. In Den Bosch zijn de tweede helft van oktober volgens het VVV negen ‘muzikale’ optredens, waaronder een festival dat twee dagen duurt en dus twee keer genoemd wordt. Hoewel niet alles op de site staat (of dit nou goed of slecht is…). Even ter vergelijking, in Nijmegen zijn er 38 optredens, in Groningen 24 en in Amsterdam te veel om te tellen. Maar ach, we doen het in elk geval beter dan Middelburg, wij hebben een normale VVV pagina.

Hoewel er in Nijmegen en Groningen meer mensen wonen (resp. 20.000 en 40.000 meer in 2011) valt het me toch wat tegen. Op een avond kan ik doorgaans niet de stad in en de kroeg inlopen waar een bandje speelt. Of een vrouw met een gitaar een liedje zingt. Dat is best een gemis. Maar waarom gaat er nooit eens iemand zitten en begint hij gewoon met spelen? Het kan dan wel niet met een flinke versterker, maar dat wil niet zeggen dat er niks kan.

Een van mijn eerste concerten was in Den Bosch, ik was een jaar of 16 en Peter Pan Speedrock kwam naar de W2. De naam doet vermoeden dat het of een hysterische rockband was die vrijwel alleen mannelijke bezoekers trekt, of een soort verknipte Disney-on-Drugs happening. De waarheid ligt altijd in het midden, toch? Hoe dan ook, het zou ontzettend jammer zijn als er straks minder concerten zijn, minder cultuur, minder plezier. Hoe zou het gaan in het Haagse, als er bezuinigd moet worden? Q: ‘Willen we meer of minder cultuur?’ A: ‘Minder, minder, minder!’

(foto: http://peterpanspeedrock.nl)

“De Bossche scene heeft heel erg een eigen mening”

P79

In de donkere krochten van het VVV wordt ieder weekend wat af gefeest. Eigenaar Ruud Bruins gooit zijn tent speciaal open voor dit interview. Gelukkig behoeft P79 verder geen inleidende woorden, het enige wat nog van belang is, is de agenda.

“De teksten trekken mensen aan in live muziek, het kan confronterend zijn, of vreselijk mooi. Het kan muzikaal iets met je emotie doen. Er is geen betere psycholoog dan muziek, denk ik dan. Zo lang mogelijk en zo veel mogelijk. Met een dj is dat hetzelfde, een goede kan een bepaalde opbouw, een spanningsboog in zijn set creëren. Als hij dan ook nog laat zien dat hij technisch heel goed is, dan is het helemaal af. Iedereen die denkt dat het alleen maar knopjes draaien is, moet het zelf maar eens proberen. Het is soms een beetje een ondergeschoven kindje wat veel meer aandacht verdient.”

Over het sluiten van de Rode PimpernelSONY DSC
“De uitbater van de Pimpernel heeft gekozen om de optredens gratis te doen, dat heeft hem ook geen windeieren gelegd. Wij moesten in de programmering gaan schiften omdat we een entreeprijs vragen. Lange tijd hebben we summier geprogrammeerd, er was veel concurrentie. Nu is het afwachten, we hebben weer meer optredens gehad. Tributebands doen het goed, singer-songwriters minder. Het kan heel mooi zijn, maar voor veel mensen is het zondagmiddag-bandje-kijken toch onlosmakelijk verbonden met het glaasje bier. Dan werkt het een toch een stuk beter dan het ander. Het is een beetje aftasten wat men wil.”

Band met de regio
“De zaterdagavond is echt voor regionale bandjes, dan mag het 5 kilometer buiten Den Bosch liggen. Ik wil mensen best een podium bieden, maar muziek is een hobby. Hobby’s kosten per definitie geld, maar als ik thuis kom en zeg: ‘Ik had gister weer een leuke avond, die heeft me 500 euro gekost’, dan zijn ze niet blij. Dus worden bands met een aanhang wel vaker geboekt, ja. Ik wil muziek die ik zelf leuk vind, en die de veertiger aanspreekt, op de zondagmiddag is dat het publiek wat hier komt.”

Goed, beter, best
“Een breed publiek moet hier aan zijn trekken komen, zo lang het maar een beetje alternatief is. Di-rect heeft hier gestaan, Kensington, Racoon, Krezip en Beef. Di-rect is een bevriend bandje geworden, die kwamen hier toen ze een jaar of 16 waren. Maar om nou een favoriet te kiezen, dat gaat eigenlijk niet. Er zijn zoveel goede bandjes die binnenkomen, inpluggen en gewoon een retestrakke set spelen. Tributebandjes hetzelfde verhaal. Ik doe anderen echt te kort als ik een favoriet kies. De Dave Matthews Band (DMB) zou ik heel graag hier nog een keer neerzetten, maar dat kan ik nooit betalen. In de toekomst gaan de Kevin Costners het wel maken, die zijn al groot, maar kunnen nog veel groter. Ga het album luisteren en je bent verkocht.”

Den Bosch in de toekomst?
“Het is in de stad hier een beetje not done om zowel dj’s te hebben, als rockbandjes te laten spelen. Hoewel de W2 nu ook wat meer die kant op gaat, nu ze een danceprogrammeur hebben aangesteld. De Bossche scene heeft heel erg een eigen mening, je kunt iets neerzetten wat ontzettend gaaf is, en er komen vijf mensen op af. Er zijn er dan bij die klagen: ‘er is niks voor ons’. Dat klopt niet helemaal toch? Er moet geïnvesteerd worden aan de onderkant. Als er weinig oefenruimtes en podia zijn, zal er nooit een scene ontstaan. Popcursussen, het Popcollectief, oefenruimtes en mensen die geïnteresseerd worden in muziek, dat mist Den Bosch echt. Bezuinigingen hebben daar ook flink aan meegewerkt. Een bandje mag ook hier aankloppen, van mij mogen ze komen spelen. Laat ze zich maar melden, dan krijgen ze een biertje, en daarna op dat podium, ga maar herrie maken!”

(foto: http://www.p79.nl, 3voor12)

“Op een gegeven moment ga je mensen uit het publiek herkennen”

Vrijdag 24 en zaterdag 25 oktober was het B*There festival op de Parade in Den Bosch. En waarom? De organisatoren vinden dat ‘Den Bosch wel wat meer mag bruisen,’ zo zeggen ze op hun site. Het festival richt zich op jongeren en wordt dit jaar voor de negende keer gehouden.

Het is duidelijk te zien dat meerdere culturele instellingen meegewerkt hebben aan de aankleding van het feest. Er zijn hoge stellages, de ‘lichtcontrole’ en grote schilderingen om het terrein vorm te geven. De grote containers waar van alles te zien en te doen is, komen op verschillende plekken terug. In sommige hangen beeldschermen, op andere is met graffiti een piece gespoten. Alles bij elkaar zorgt voor een aankleding die ik verrassend vond en niet op veel andere plekken tegen ben gekomen.

IMG_1849

Ik spreek Dirk Voets van Straight from the Fridge, een Bossche funk- en soulband. In 2008 speelde hij al saxofoon bij de band en nu ragt hij daar op een basgitaar. Op zondagavond vertelt hij in de Cordes over het festival, publiek en optreden.

“Je zou wel kunnen zeggen dat we iets hebben met B*There. Via hen hebben we de kans gehad om een clip op te nemen, die staat op youtube en werd de festival tune. We hebben hier meerdere malen gespeeld, volgens mij was onze allereerste EP release ook op B*There. In het optreden vrijdag hadden we van tevoren al heel veel zin, op het podium was denk ik goed te zien dat we echt plezier maakten. De energie was er zeker. Het publiek was aan het begin een beetje afwachtend, maar daarna stonden ze lekker te dansen. De meeste bandleden spelen het liefst ‚Let it go’. Niet eens perse dat dat de favoriet is, maar er gebeurt iets in de band, het rockt gewoon. De aankleding van het festival was leuk, kleurrijk, veel te zien. Ik ben langs heel veel bandjes geweest, de Koppensnellers waren tof, hun concept ook. Voor ons is het toch een beetje een thuiswedstrijd, om in Den Bosch te spelen, op een gegeven moment ga je ook mensen uit het publiek herkennen die vaker komen. Sowieso blijft optreden leuk, soms spannend: de reacties uit het publiek, het samenzijn en vooral het muziek maken met elkaar.”

“Ik heb nog handtekeningen opgehaald om MTV op de buis te krijgen”

Robert Gabrielse is in Den Bosch eigenlijk vooral bekend als Dj Kuif of gewoon Kuif. Ooit begon hij bij een Nederlandstalig bandje uit de regio, ondertussen heeft hij onder meer werk gedaan als dj, muzikant, programmeur, organisator en producer. Niet alleen in kroegen en cafés hier kun je hem langs zien komen, maar ook bijvoorbeeld bij Studio in Tilburg. Vandaag met hem een interview over zijn leven en de cultuur in de stad.

Je hebt in je jeugd muziek leren maken, hoe ging dat?
“Wij mochten thuis een instrument kiezen, ik koos voor gitaar. Voor je op de muziekschool kon komen moest je eerst blokfluit leren spelen, verschrikkelijk. Daarna speelde ik vooral akoestische gitaar. Op de muziekschool waren workshops om samen muziek te maken, toen is het samen spelen begonnen. Rond mijn 18e had je in de W2 rock-popcursussen, later kwam ik daar met een bandje repeteren. Als je goed genoeg was, mocht je optreden op Boschkilde. Dat was toen wel echt de shit.”

Ook in latere jaren ben je altijd in de muziek gebleven, wat heb je zoal gedaan?
“In ’94 ben ik in het Plein begonnen, onder andere met organiseren en programmeren, er werden ook jamsessies gehouden. Het W2 Popcollectief had een blaadje: Popcall, waar ik aan meewerkte. Iedere gemeente mocht nog voor zichzelf bepalen of ze MTV op de buis wilden, Den Bosch was een van de laatste waar nog geen MTV was. Voor het Popcollectief heb ik handtekeningen opgehaald om het hier ook op tv te krijgen.”

IMG_0603

Wat waren de tenten waar het te doen was in de stad?
“Rond mijn twintigste ging ik echt Den Bosch ontdekken. De Kakatoe, waar nu Reinders zit, was echt de muzikale plek van Den Bosch. Iedereen die een instrument bespeelde kwam daarheen. Er werden veel jamsessies gehouden, die ontstonden ook weleens spontaan. Vooral in de jazz/blues sfeer. Dan had je de Boortoren bij de Havensingel, wat meer een swingtent was, ik draaide daar in die tijd, echt heel gaaf. Er was alleen alternatieve muziek, geen enkele andere plek deed dat toen. Voor optredens kon je op maandag naar café Boulevard en op dinsdag naar de Welvaart, daar ben ik vaak geweest.”

Je bent veel naar jamsessies geweest, wat trok jou hierin aan?
“Er komen daar altijd mensen met wie je anders niet direct in contact zou komen en waar je ook niet mee zou oefenen. Op een gegeven moment ben ik me meer gaan ontwikkelen als gitarist en ging ik ook meer jammen in de Laat Maar. Biertje erbij en steeds met nieuwe mensen spelen, nieuwe inspiratie opdoen. Jammer dat er nu zo weinig sessies meer zijn.”

caf-laat-maar_resized

Wat zijn de grootste veranderingen in de muziekwereld, gekeken naar het nu?
“De wereld is gewoon veranderd. Een platencontract bestaat eigenlijk bijna niet meer, een label wil nu zien dat je al een heel album bij elkaar hebt en dat je je eigen PR doet, voordat ze interesse hebben. Tegenwoordig moet er al van alles op je Soundcloud of Youtube staan, zeker als je je wil profileren in een andere stad. Je moet op veel meer vlakken thuis zijn.
Waar vooral heel veel verschil in zit zijn de platenzaken. Veel mensen kennen dat tegenwoordig niet eens meer, niet in de vorm hoe ze toen waren. Sommige mensen hadden een vakje, waar de eigenaar dan platen in bewaarde voor ze. Je kreeg advies, zo van: ‘Hee jij vindt dit leuk, dan moet je dat eens checken.’ Paulus Tops bijvoorbeeld, heeft een grote functie gehad (tot 2002). Hij was echt promoter van alternatieve muziek. Als er popmuziek was die hij heel slecht vond, dan vertikte hij het gewoon om dat te verkopen. Het is heel grappig, de eerste plaat van Rage Against The Machine heeft hij ontzettend gepromoot, gewoon omdat hij hem zo gaaf vond. Dat heeft hij die jongens ook nog verteld toen ze hun eerste optreden in de Melkweg hadden, die vroegen zich af waarom ze het zo goed deden in Den Bosch.”

Welke muzikale trends zie je op het moment?
“Iets wat echt van deze tijd is, is het samenwerken van een dj met andere muzikanten of ook een zanger(es). Er is dan echt wat om naar te kijken. Aan de andere kant zie je nu de singer-songwriter, iemand met een barkruk en een gitaartje op een podium, heel rustig. Verder doen tributebands het goed, die geven mensen een gevoel van retro. Wat je ook vaak ziet zijn de conceptfeesten, een bepaalde sfeer waar een tent voor gaat. De organisatoren zorgen ook voor de flyers en de promotie. Alles wordt dan geregeld. Genres blijven, een houseavond is nog steeds een houseavond, maar er zijn tegenwoordig verschillende mengvormen, disciplines die samenkomen. Niet alleen muziek, ook comedy of kunst.”

(foto: http://www.wawik.nl)

Popcolumn

56394129_f2f1eb0556_o

Popcultuur betekent al lang niet meer hetzelfde als vroeger. Ooit was het een substroming die zich afzette tegen de heersende normen en waarden van die tijd. Met name de muziek was belangrijk, zoals dat nu ook in vrijwel iedere subcultuur is. Het is bijna twee maanden geleden dat dit blog langzaam vorm kreeg; eerst in het hoofd van iemand anders, denk ik. Iemand of iets heeft mij geïnspireerd. Daar gaat het allemaal om: inspiratie. Opnieuw geldt dit ook voor muziek. Door naar een nummer te luisteren kom ik op ideeën, soms sluit een tekst precies aan bij een gedachte of heeft een lied een bepaalde sfeer die zorgt voor het gevoel waar ik naar zoek. Relaxed, rauw, druk en ook weleens mooi.

Muziek is nog steeds communicatie, het overbrengen van alles wat iemand wil zeggen. Er zijn niet eens altijd woorden voor nodig. Zo vertellen veel mensen mij ook als ik ze interview. Bijvoorbeeld bij een film, de muziek is dan een onmisbare extra. Net zoiets als de uitroeptekens in de Donald Duck. Kan eigenlijk wel zonder, maar het haalt het bij lange na niet.

Den Bosch is mijn geboortestad, maar ik ben geen rasechte Bosschenaar die minstens een keer per week aan de Bossche bollen zit. Of het nou met of zonder bestek is. Ik weet niet hoe hoog de Sint Jan is, of hoe breed, of hoe oud. En ik heb een hekel aan Carnaval omdat iedereen schijnt te denken dat het de bedoeling is om zo veel mogelijk bier over een ander heen te gooien. Puur zonde. Maar nu klink ik ondankbaar, ik ben blij met het uitgaansleven (dat vroeger ongetwijfeld beter was). Proeven van steeds weer andere muziekstijlen, sommige waren meteen goed, andere duurden even om te leren waarderen.

Door andere contacten, andere vrienden, andere cafés en andere levensstijlen leerde ik andere muziek kennen. Ook hier kwam veel nieuwe inspiratie kijken. Het leven en muziek; beide even veranderlijk. Het een volgt het ander op, met verandering komen andere mogelijkheden en de kans om iets nieuws te beleven. De tijd zal het leren.

(foto: https://www.flickr.com/photos/idiolector/)